Voor je studie geldt: Wees begrensd positief!

Wees positief!

Psychologen dachten in eerste instantie altijd dat een gezond beeld van jezelf en de wereld vooral een accuraat beeld was. Alleen als je de wereld en jezelf realistisch waarneemt, kun je op de juiste manier reageren op de gebeurtenissen en mensen om je heen, zo werd gedacht. Maar inmiddels weten we beter. Uit onderzoek blijkt dat realistische mensen zich vaak down en onzeker voelen. Dit fenomeen wordt ook wel ‘depressief realisme’ genoemd.

Mensen die zich daarentegen gelukkig en gezond voelen, nemen de wereld juist vaak vertekend waar. Ze zien de wereld en zichzelf positiever dan ze zijn; ze hebben als het ware een roze bril op. De verklaring is eenvoudig. Hoe realistisch ook, denk je geregeld aan je eigen tekortkomingen, en de ellende die je kan overkomen – aardbevingen, auto-ongelukken, gevaarlijke ziektes – dan word je daar niet vrolijker van. Om gelukkig en optimistisch te blijven is het nodig dat je je richt op het positieve, ook al betekent dat dat je een stuk realiteit ontkent.

Innerlijk conflict

Gaat het om je studie dan geeft een positief zelfbeeld energie en zelfvertrouwen. Je hebt het idee dat je de studie aankunt en durft ervoor te gaan. Uit onderzoek blijkt echter ook dat studieprestaties in sterke mate zijn gebaat bij een realistische inschatting van je eigen kunnen en je sterke en zwakke kanten. Logisch ook. Weet je waar je bijvoorbeeld nog niet zo goed in bent, dan weet je ook waar je nog mee moet oefenen en tijd en energie in moet steken. Deze realistische kijk op studeren staat op gespannen voet met dat positieve zelfbeeld: het is immers nodig dat je erkent dat je in bepaalde zaken ook minder goed bent. Hoe combineer je die 2 zaken nu?

De juiste mix

Kijk naar de feiten, bijvoorbeeld naar je cijfers. Erken waar je goed in bent en geef jezelf daarvoor een schouderklopje. Durf ook toe te geven waar je nog niet zo goed in en verzin geen smoesjes voor slechte cijfers. Erken je eigen aandeel erin. Dat geeft je zelfbeeld misschien een korte knauw, maar dat kun je tegengaan door studeren te zien als een proces. Het gaat meestal niet in 1 keer goed, maar met vallen en opstaan. Het is daarbij heel belangrijk om optimistisch tegen je zwakke kanten aan te kijken. Zie ze niet als een vaststaand gegeven (‘Dat kan ik nu eenmaal niet’, ‘Dat is niks voor mij’) maar als een project in ontwikkeling. Met tijd en inzet word je vanzelf beter in die dingen waar je nu nog niet zo goed in bent. Dat pept je zelfbeeld weer op en zet je op een realistische manier in je studie.

Ondersteuning van een mentor

Ben je student bij het NTI en kun je hulp van je mentor gebruiken? De contactgegevens vind je hier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *